BRON : I.N.G.

 

C.I. No.77174.

GEHEIM                                      's-Gravenhage. 4 Mei 1939.





Naar aanleiding van bet verzoek van de Ve Afd. Dep.v. Defensie betreffende de artikelen In 'Het Nationaal DagbIad" respectievelijk van 29 April en 1 Mei 1939 over de ontevredenheid der arbeiders, welke te werkgesteld zijn bij den aanleg van het vliegveld te Valkenburg tusschen Leiden en Katwijk, wordt dezerzijds na ingesteld onderzoek het navolgende medegedeeld.

De heer Oostveen, wnd. Directeur van den Gemeentelijken Dienst voor Sociale Zaken te Leiden verklaarde desgevraagd het navolgende:

"De aanleg van het vliegveld in Valkenburg wordt door de Ned. Heide Maatschappij in werkverschaffing uitgevoerd. Op 17 April 1939 is men met de werkzaamheden begonnen. In verband met den internationalen toestand en de haast, waarmede begonnen moest worden, zijn de werkzaamheden aldaar niet voldoende voorbereid. Door tusschenkomst van den Gemeentelijken Dienst voor Sociale Zaken te Leiden zijn nu reeds 270 arbeiders uit Leiden bij bedoelde werkzaamheden te werk gesteld. Op 29 April 1939 ben ik op het aan te leggen vliegveld geweest. Het is een oppervlakte van 20 H.A. Zooal dat meestal gaat bij werkzaamheden in werkverschaffing, was ook daar op het werkterrein niet voldoende gezorgd voor schuilkeeten, W.C's en drinkgelegenheden voor de arbeiders. Hieraan is gedurende de laatste dagen hard gewerkt, zoodat thans schuilketen, W.C.'s en drinkgelegenheden zijn aangebracht. Aangezien het terrein een zeer groote oppervlakte beslaat, is het niet doenlijk om over het gehele terrein W.C.'s, schuilkeeten enz. aan te brengen.

Wat het loon betreft het volgende; Er wordt gewerkt op tarief dit is, dat een aantal arbeiders een bepaald stuk grond moeten bewerken tegen een vastgesteld bedrag aan geld. Het gewone uurloon voor de Leidsche arbeiders bedraagt 38 cent. Volgens de werkstaten die ik in mijn bezit heb bedraagt bet weekloon gemiddeld f.20.-.
De werkweek bedraagt 48 uur, Gedurende de eerste week van 17 tot 22 April 1939 werd Zaterdag het loon niet uitbetaald. De arbeiders ontvingen toen allen een voorschot op het loon, dat ze de eerste

week        

AAN:
Z.E. den Minister van Defensie.
In afschrift aan:
Z.E. den Minister van Justitie.
Z.E. den Minister van Sociale Zaken.

- 2 -      

week verdiend hadden. Zooals gezegd, betreft het hier tariefwerk, dat met zich brengt, dat eerst alles opgemeten moet worden om na te gaan, wat iedere arbeider de afgeloopen week heeft verdiend. Toen den eersten Zaterdag het loon uitbetaald moest worden, moest eerst alles opgemeten worden en dat kon niet meer op Zaterdag, zoodat ze allen f.15.- voorschot kregen. Hun loon van de eerste week krijgen ze de tweede week. De laatste week, dat ze er werken wordt het voorschot afgetrokken van het weekloon, dat dan verdiend is. Dit is de gewone gang van zaken bij de Ned. Heide Mij. Na de eerste week is dit euvel uit de wereld. Ontevredenheid heerscht niet bij de Leidsche arbeiders. Het aantal aanvragen van Leidsche arbeiders om bij den aanleg van opgemeld vliegveld te werk gesteld te worden, Is veel grooter dan het getal, dat geplaatst kan worden.
De voorstelling, welke het Nationaal Dagblad in zijn artikelen van 29 April en 1 Mei hieromtrent heeft gegeven is onjuist en valsch.

--------------